De oudste klootschietersbaan van Losser.

 

De oudste klootschietersbaan van losser liep evenwijdig aan de Drielandweg en kruiste bij het drielandenpunt de weg Gronau-Gildehaus.

Het terrein was nog ongerept en voor een groot deel bedekt met heide en in de laag gelegen Oelermars lagen vele venplassen.

Het klootschieten is bij uitstek een sport voor de wintermaanden, zowel bij vriezend als bij dooi weer waren de kuilen en vennen geen onoverkomelijke hindernissen want op de bevroren plassen werd een aanloopbaan van overjassen gemaakt en wanneer bij dooi weer de kloot in het water terecht kwam, zag men er niet tegenop klompen en sokken uit te doen en de aanloop in het water te nemen.

Oorspronkelijk hoorde de baan toe aan het voordorp en het achterdorp maar aan het eind van de vorige eeuw groeide de bevolking van Losser aanzienlijk en daarmee ook het aantal klootschieters verenigingen, die allen gebruik van deze baan maakten.  De weg begon bij "Bosman op 'n buit" even voorbij de boerderij van ter Linde en men had ongeveer een uur te gaan tot het drielandenpunt, winnaar was de partij die in het minst aantal schoten de grenssteen van het drielandenpunt passeerde.

Het pad had ook nog een uitdrukking opgeleverd en wel het gezegde: dat is n'n Hajan. Boer ter Brugge, bijgenaamd Haarjan, woonde ten Noorden van het drielandenpunt en als men een schot teveel naar recht of naar links smeet dan wordt zo'n mislukte worp nog steeds'n hajan genoemd

Aan het begin van de eerste wereldoorlog was het gedaan met de aloude baan naar "den Drieland", doordat de grens gesloten werd en aan Nederlandse zijde ook nog een verboden strook van 300 meter vanaf de grenslijn werd ingesteld.

Op de jaarvergadering van de Losserse Klootschieters Federatie van 27 maart 1960 werd besloten om de wedstrijd naar Drieland in ere te herstellen en eens per jaar zouden de gezamenlijke verenigingen schieten om de zogenaamde "Drielandtrofee" Sinds 1 mei 1960 werd er weer geschoten op de oude klootschietersbaan richting 'Dreeland".

 

Ook van deze brief kon ik de bron niet achterhalen.

 

Johan Effing.