Koudegolven in Nederland.

Een koudegolf komt in ons land maar weinig voor en dat is waarschijnlijk dat er geen definitie voor is. Toch zijn er in elke koude winter n of meer opmerkelijk koude periodes aan te wijzen, waarin het dagen achtereen tot strenge vorst komt en de laagste temperaturen van de hele winter worden gemeten. Dat gebeurt meestal nadat er een dik pak sneeuw is gevallen en het onder een heldere hemel flink kan afkoelen. Kijken we naar de koudste periodes van tien dagen in deze eeuw dan is de periode
18-27 januari 1942 in De Bilt de koudste met een gemiddelde etmaaltemperatuur van -11,3C. De extreme kou periode begon al een week eerder en vanaf 12 januari 1942 kwam de temperatuur in De Bilt vrijwel elke dag lager dan -10C. De laatste dagen werden er records gevestigd: op 26 januari 1942 kwam het kwik in De Bilt niet hoger dan -11,2C en de nacht die daarop volgde koelde het af tot -24,8C, de laagste standen ooit op het hoofdstation van het KNMI gemeten. Op 27 januari 1942 registreerde Winterswijk -27,4C, de laagste temperatuur vanaf 1894. Op veel plaatsen was het de koudste nacht van de eeuw met 20 tot 25 vorst. Een tramconducteur in Den Haag schrijft in zijn dagboek over de vele sneeuwstormen in deze winter met sneeuwduinen van twee meter hoogte. De periode 15-24 februari 1956 staat met een gemiddelde temperatuur van -10,5C op de tweede plaats. Ook toen viel er veel sneeuw, op de Waddeneilanden meer dan een halve meter. In deze maand vroor het in De Bilt in acht nachten meer dan 15C met -21,6C als minimum op 15 februari. Op 16 februari 1956 noteerde Uithuizermeeden -26,8C, op n na de laagste temperatuur van de eeuw. De winter van 1929 leverde de op twee na zwaarste koudegolf op: van 11-20 februari was de temperatuur in De Bilt gemiddeld -9,7C. Een week lang vroor het hier elke dag zeer streng, meer dan 15C onder nul. In Winterswijk werd op 14 februari van dat jaar -21,5C gemeten, maar ook Limburg deed deze keer mee met de kou: Sittard met -21,4C en Gemert met -20,7C. Wat opvalt dat er sinds 1997 er geen koudegolf meer is voorgekoomen.

Bron KNMI. Weer nader verklaard.

Hieronder een uitdraai uit het archief van Johan Effing uit Losser die bij de Duitse grens in Twente een weerstation heeft. Cijfers uit de reeks die u hier kunt zien zijn gekoppeld aan een reeks van het station Winterswijk van 1895 tot 1950. De jaren na 1950  zijn cijfers van de Vliegbasis Twente en vanaf 1980 zijn het eigen waarnemingen. Wat erg op valt in deze uitdraai is het zeer koude tijdvak van 21 december1996  tot 11 januari 1997. Het werd alleen overtroffen door het tijdvak 22 januari 1947 tot 13 februari 1947 met 23 dagen.. De winter van 1962 - 1963  had vijf zelfs koude golven. De winter van 1946 - 1947 had drie koudegolven en de langste koudegolf. Veel plezier met het verkennen van de reeks. Johan Effing.

De vet gedrukte maanden zijn links naar de genoemde maanden en jaren.

Wanneer kwam er een koudegolf voor in de periode van januari 1894 t/m januari 2008

4 januari 1894 tot 9 januari 1894 6 dagen
27 januari 1895 tot 1 februari 1895 6 dagen
3 februari 1895 tot 10 februari 1895 8 dagen
12 februari 1895 tot 17 februari 1895 6 dagen
11 december 1899 tot 17 december 1899 7 dagen
20 december 1899 tot 24 december 1899 5 dagen
2 januari 1901 tot 9 januari 1901 8 dagen
4 december 1902 tot 13 december 1902 10 dagen
27 december 1906 tot 31 december 1906 5 dagen
26 december 1908 tot 1 januari 1909 7 dagen
20 januari 1917 tot 9 februari 1917 21 dagen
5 februari 1922 tot 9 februari 1922 5 dagen
27 december 1923 tot 2 januari 1924 7 dagen
15 december 1927 tot 21 december 1927 7 dagen
11 februari 1929 tot 21 februari 1929 11 dagen
19 januari 1933 tot 27 januari 1933 9 dagen
8 december 1933 tot 18 december 1933 11 dagen
17 december 1938 tot 26 december 1938 10 dagen
17 januari 1940 tot 22 januari 1940 6 dagen
9 februari 1940 tot 15 februari 1940 7 dagen
1 januari 1941 tot 12 januari 1941 12 dagen
7 januari 1942 tot 28 januari 1942 22 dagen
31 januari 1942 tot 9 februari 1942 10 dagen
15 februari 1942 tot 24 februari 1942 10 dagen
23 januari 1945 tot 30 januari 1945 8 dagen
15 december 1946 tot 24 december 1946 10 dagen
22 januari 1947 tot 13 februari 1947 23 dagen
25 december 1950 tot 31 december 1950 7 dagen
4 januari 1954 tot 8 januari 1954 5 dagen
25 januari 1954 tot 5 februari 1954 12 dagen
30 januari 1956 tot 7 februari 1956 9 dagen
9 februari 1956 tot 26 februari 1956 18 dagen
9 januari 1960 tot 17 januari 1960 9 dagen
23 december 1961 tot 28 december 1961 6 dagen
22 december 1962 tot 3 januari 1963 13 dagen
7 januari 1963 tot 13 januari 1963 7 dagen
15 januari 1963 tot 25 januari 1963 11 dagen
27 januari 1963 tot 6 februari 1963 11 dagen
20 februari 1963 tot 25 februari 1963 6 dagen
14 december 1963 tot 24 december 1963 11 dagen
11 februari 1969 tot 19 februari 1969 9 dagen
16 december 1969 tot 21 december 1969 6 dagen
27 december 1969 tot 1 januari 1970 6 dagen
23 december 1970 tot 6 januari 1971 15 dagen
27 februari 1971 tot 6 maart 1971 8 dagen
26 januari 1976 tot 3 februari 1976 9 dagen
30 december 1978 tot 7 januari 1979 9 dagen
6 januari 1982 tot 14 januari 1982 9 dagen
4 januari 1985 tot 11 januari 1985 8 dagen
13 januari 1985 tot 20 januari 1985 8 dagen
8 februari 1985 tot 15 februari 1985 8 dagen
10 januari 1987 tot 21 januari 1987 12 dagen
7 februari 1991 tot 13 februari 1991 7 dagen
29 december 1992 tot 4 januari 1993 7 dagen
27 december 1995 tot 6 januari 1996 11 dagen
23 januari 1996 tot 30 januari 1996 8 dagen
21 december 1996 tot 11 januari 1997 22 dagen

Uit het archief van Johan Effing. 21 januari 2008

Top